Terugblik op een eerste kus in de eerste klas

Voor het maandelijkse mini‑essay‑contest van Narratively Academy werd er gevraagd naar de allereerste kus. Veel deelnemers leverden schattige, soms zelfs poëtische verslagen in, maar één verhaal sprong er met zijn absurdistische charme uit. Het schetst een jonge, onhandige verteller die zich in een speelplaats vol kinderlijke verlangens wantrouwt, en onverwacht een kus deelt met een klasgenoot – een situatie die even komisch als ontwapenend is.

Een kinderlijk spel van ‘prepuberlust’

In de eerste groep wordt het idee van een kus al als ‘icky’ ervaren. De auteur beschrijft zich zelf als een kind dat liever vieze spelletjes speelt: naalden door de dode huid van de vingers steken, melk over de neus laten druppelen en vervolgens als een zombie rondlopen met ogen die naar achteren lijken te draaien. Deze groteske zelfbeschrijving maakt duidelijk dat de drang om mee te doen aan het spel – zelfs als het alleen een nabootsing van een romantische impuls is – minder inspannend is dan haar eigen vreemde rituelen.

Alle kinderen rennen over de speelplaats alsof ze een parodie op volwassen verlangen naspelen. Meisjes pursen hun lippen, jongen’en jagen ze uit om ‘cooties’ te vermijden, en overal weerklinkt het geluid van lachende, gierende kinderen. De sfeer is een mengeling van onschuld en een absurd gevoel van spanning, een toneel waarin elke stap een mogelijke valpartij kan betekenen.

Dan verschijnt er een doelwit: Shaun, een jongen met glanzend zwart haar, blauwe spijkerbroek en een felrode trui. De auteur en Shaun zijn de enige Mi’kmaq‑kinderen op school, waardoor hun interactie een extra laag van herkenning en afzondering krijgt. Terwijl ze achter de mobiele klaslokalen aanrennen, maken ze over de grond bootsgekuste geluiden, alsof ze de beproefde rolletjes van een kinderfilm naspelen.

De onverwachte wending in de oude bosjes

In de jaren zeventig, toen het schoolplein nog omgeven was door eeuwenoude eiken, esdoorns, dennen en sparren, vinden ze een natuurlijke hindernis: een wortel die zich uitstrekt over het pad. Shaun draait zich om om de auteur achterna, maar struikelt over die wortel. De verteller valt, mond eerst tegen de lippen van Shaun, en een onbedoelde kus ontstaat. Hun gezichten komen samen, een kort moment van verwarring en ongemak, waarna de auteur snel opstaat, haar mond afveegt en de ‘boy germs’ wegspuugt.

De scène wordt gepresenteerd met een droogkomisch pas je er maar door: de schrijver ziet de gebeurtenis als een rare, bijna filmische episode in een otherwise onstuimige kinderjaren. De absurditeit van een eerste kus die voortkomt uit een val in plaats van een romantisch plan, versterkt de humor en het nostalgische gevoel.

Het verhaal eindigt met een knipoog naar de achtergronden van de auteur – een ‘elder goth‑swamp hag’ die uit een apocalyptische cult komt – een reminder dat zelfs de meest banale jeugdherinneringen kunnen resoneren met de grote thema’s van identiteit, cultuur en groei.

Source: https://www.narratively.com/p/running-around-in-prepubescent-lust

Related Articles